De natuurlijke schatten van Noord-Hongarije

Het noorden van Hongarije is de thuisbasis van de hoogste top van het land, mijlen en mijlen van wandelroutes, uitgestrekte grotcomplexen, meren, watervallen, zoete witte en robuuste rode wijnen, UNESCO-werelderfgoedsites en oude industriële steden waar het lijkt alsof de tijd is blijven stilstaan.

Trek doorheen het Mátra-gebergte, waar u de hoogste bergtop van Hongarije kunt beklimmen, de Kékestető, waar u kunt wandelen in een park op 1 014 m hoogte. Verder naar het oosten vindt u de prachtige Bükk-bergen met bosachtige paden en watervallen, landpaleizen en tuinen. Als ondergronds gaan meer uw stijl is, ga dan naar Aggtelek, waar er een spectaculair 26 km lang grottenstelsel is met een ondergronds theater en stalactieten en stalagmieten die zo indrukwekkend zijn dat ze namen hebben gekregen.

Tokaj-Hegyalja, een werelderfgoedsite sinds 2002, is de meest bekende onder de Hongaarse wijngebieden en niet zonder reden. Het heeft een heel bijzonder klimaat rond de perfect gevormde vulkanische Tokaj-berg dat edele rotting helpt te evolueren, waardoor bepaalde wijnen een buitengewoon aroma en textuur hebben. Het vloeibare goud dat hier geproduceerd wordt, wordt ‘Tokaji Aszú' genoemd en draagt ​​de hoge en machtige titel 'koning der wijnen, wijn der koningen'. Als u het gevoel hebt voor een dag koning te zijn of gewoon te drinken als een koning, is alles wat u nodig hebt een fles Tokaji en wat mooie wijnglazen.

Als volle rode wijnen meer uw type zijn, proef  dan het Stierenbloed in Eger. Deze charmante stad wacht niet op u met heerlijke wijnen al, maar ook met thermale baden en tal van historische gebouwen (zelfs een Turkse minaret en een citadel op de heuvel). Eger werd in het midden van de 16de eeuw belegerd en het heroïsche verhaal van de Sterren van Eger  dat over die belegering werd geschreven, is nog steeds een bron van Hongaarse nationale trots.

Bij een verblijf in Eger moet u zeker eens wandelen door Szépasszonyvölgy of de Vallei van de Mooie Vrouw om er de wijnkelders te bezoeken. Hier vindt u een groene vallei bedekt met wijnstokken en met een reeks opeenvolgende wijnkelders gebouwd in de heuvelflank.

Voor een algemeen beeld over hoe dorpsmensen gewoond hebben in de regio kunt u het als werelderfgoed beschermde dorp Hollókő bezoeken, in verschillende enquêtes uitgeroepen tot het mooiste dorp van Hongarije. De tijd lijkt hier wel enkele honderden jaren stilgestaan te hebben. Meisjes en vrouwen dragen nog steeds volumineuze, veelkleurige rokken en golvende blouses wanneer ze door de straten wandelen met mannen in zwarte laarzen, vilten vesten en ronde hoeden. U kunt dit witte dorp met zijn houten daken elke dag van het jaar bezoeken, maar wanneer u een ech, maar dit enkel in het teken van de vruchtbaarheid en de eeuwige jeugd.

Noord-Hongarije is ook de thuisbasis van een aantal mooie buitengewone baden. Een ‘mofetta' mag dan wel als de naam van een mythisch monster klinken, het is in feite een droog bad, waarbij vulkanische gasontlading wordt aangewend. Zoek uit wat de koolstof-dioxide, die van 1000 meter onder de grond opstijgt, voor u kan doen in Mátraderecske. Of chillen in een grot, zoals je nergens anders in Europa kan doen? Het voortdurend 30 ºC warme water in het grotbad van Miskolctapolca behandelt uw gewrichten met liefde en zorg, terwijl u drijft in het schemerige licht. In Egerszalók stroomt het warme water van twee oude thermaalbronnen al voor eeuwen uit de heuvelflank, wat mooie minerale formaties achterliet.